Het is de tijd van de kruistochten. Jeruzalem is in handen van de moslims, met sultan Saladin aan het hoofd. Christenstrijders hebben een immense reis gemaakt om de bakermat van hun religie ontzetten. In Jeruzalem woont de rijke jood Nathan met zijn pleegdochter Recha. Recha is een christenmeisje. Dat moet geheim blijven: het is joden verboden christelijke kinderen te adopteren. Als het huis tijdens de schermutselingen in brand vliegt, redt een jonge tempelier het meisje. Hij wordt vervolgens gegijzeld door de sultan. Op een wonderlijke manier voelen Nathan, Saladin, Recha en de tempelier zich tot elkaar aangetrokken. Ze blijken meer met elkaar verbonden te zijn dan ze hadden kunnen vermoeden.
De sultan en de jood is een nieuw toneelstuk van Helmert Woudenberg. Hij baseerde zich op Nathan de wijze van Lessing en Antigone van Sofokles. Met het stuk wil Woudenberg laten zien dat uiteenlopende religies meer overeenkomsten hebben dan verschillen en dat bloedbanden alle wereldse en religieuze wetten overstijgen.